MILIEU-AKTIE GROEP MENEN

Vergistingsinstallatie Ropswalle: MAG-Menen verwacht geen geurhinder.

Na een uitgebreid bedrijfsbezoek bij een vergelijkbare installatie, waarbij we het proces van a tot z konden waarnemen komen we tot de conclusie dat de installatie die gepland is op Ropswalle geen geurhinder zal geven voor de omwonenden. Over het vervoer kunnen we ons nog niet uitspreken omdat er nog geen voldoende duidelijkheid is daarover. Men onderzoekt nog de mogelijkheden om per schip te transporteren. Aanvoer via de weg zou gebeuren via de Ringlaan en in gesloten vrachtwagens.

Werking installatie:

Het mengsel omvat ongeveer 5% dierlijke mest, 55% plantaardig afval en 40% gewassen.

De installatie verwerkt dierlijke mest (varkensmest), plantaardig afval en maďs tot biogas dat dan verbrand wordt. Die verbranding levert elektriciteit op welke vrijwel volledig aan het net wordt geleverd als groene stroom.

De dierlijke mest wordt gescheiden in een dikke en een dunne fractie in een ‘zwierinstallatie’. De dunne fractie wordt door middel van nitrificatie en denitrificatie omgevormd tot stikstof (hoofdbestanddeel normale lucht). Het residu wordt verder ingedampt in een verdampingsinstallatie.

De dikke fractie wordt in de vergister gemengd met de plantaardige aanvoer. De dunne fractie hiervan wordt eveneens naar de nitrificatie-denitrificatie gevoerd.

Door het vergisten ontstaat biogas, dat naar de warmtekrachtkoppeling (WKK) wordt geleid voor verbranding.

Om te voorkomen dat er hinder zou zijn van geuren is zowat het hele proces ondergebracht in gebouwen. In die gebouwen zijn recipiënten aanwezig waarin het proces plaatsvindt. Deze maken gebruik van onderdruk. Dit voorkomt dat er ‘geurlucht’ kan ontsnappen naar de buitenwereld. De lucht die wel naar buiten gaat wordt eerst bevochtigd in een wasser en gefilterd met een biofilter om hem te ontgeuren.

De opslag van de afvalstoffen vindt eveneens plaats in gesloten gebouwen.

Het water dat gebruikt wordt in de installatie bevindt zich in een gesloten systeem zodat het continu herbruikt wordt en er geen overlast optreedt naar het aquatisch milieu.

Zoals u kan zien op de beelden stonden we letterlijk met onze neus boven en naast de recipiënten waarin het proces plaatsvindt en de stoffen worden opgeslagen. Op die plaatsen roken we het inderdaad wel, op een 50m van de installatie was er van geurhinder niets te merken.

Omdat de dichtsbijzijnde woningen zich op minstens 250m bevinden kunnen we dan ook concluderen dat de omwonenden geen schrik moeten hebben voor geurhinder.

Een uitgebreider verslag met analyse van de vergunning volgt.

 


 

Copyright © 2009 Briccone